Terug naar het dorp?

Ik weet het nog goed, de ontvangst in het dorp De Bilt. Op 1 juni 2003 betrok ik samen met mijn zoon van anderhalf een flat. Nog diezelfde dag werden we voor de barbeque uitgenodigd, in de adembenemende tuin van de benedenverdieping. Zij wonen daar nog steeds en we zijn goed bevriend gebleven. Al woon ik nu iets verderop, we delen dezelfde straatnaam.

Mijn zoon is nu tien en zijn dorp De Bilt schrijft een bijna 900-jarige geschiedenis. Ikzelf woonde bijna 25 jaar in Amsterdam en Den Haag, maar in mijn ziel ben ik dorpsmens gebleven. Dat bleek bij aankomst in het overzichtelijke De Bilt. Voelde mezelf thuiskomen. Nu kuier ik op een zomerdag door mijn tuin, zoals mijn vader over zijn akker kuierde. Heb plannen voor een volkstuintje. Geniet van de rust en stilte.

Het afgelopen jaar ontmoette ik het project TransitionTowns. Vanuit Engeland overgewaaid en op de Heuvelrug uitgezaaid: vestig je bestaan in de plaats waar je woont, tussen de mensen die je kent en waarmee je het landschap deelt en onderhoudt. Duurzaamheid gegarandeerd, zowel sociaal maatschappelijk als economisch en op gebied van leefmilieu.

Op Eerste Kerstdag jl. was ‘Het dorp van toen’ het onderwerp van de NTR-geschiedenisserie ‘Andere Tijden’. Prachtige invoelbare beelden van plattelandsdorpen uit de jaren vijftig en zestig. Kippen, koeien, paarden, dorpse evenementen, tractoren, landbouwmachines en ‘anderhalve’ auto. De dorpen zijn leeggelopen, ‘gemoderniseerd’ of  uitgestorven omdat die auto gemeengoed werd en onbegrensde mogelijkheden bood.

‘In de stad dáár moest je zijn’, heette het bij mij thuis. Want daar was keus in winkels, kleding, cultuur, scholen, toekomstmogelijkheden… Maar voor mij kwam daarbij al snel de (onbegrepen) heimwee naar het dorp, naar de bekende gezichten, de vertrouwde geluiden, het gekend zijn bij mijn naam.

Als kind van de jaren zestig heb ik het dorp volop beleefd.  55 jaar geleden werd het gebouwd, met het oog op op volledige zelfvoorziening. Binnen twee decennia stierven plaatselijke detailhandel en horeca een snelle dood. Oorzaak oprukkend snelverkeer en (super)groothandel.

Dát dorp van toen is nu voorbij. Want de jeugd vertrok er massaal bij gebrek aan werk en toekomst.  Het bouwkundige experiment van modernistische architecten uit de jaren ’50 verviel tot museumniveau en plaats van herinnering. Laat nu juist dat dorp, op zoek zijn naar een nieuwe bestaansmogelijkheid. Het Nagele dat in zijn historische basis alle ruimte en groen biedt, zou zonder veel moeite om te vormen zijn tot een Nagele als parkdorp ingericht voor bewoning door ouderen. Een toparchitect uit de 21e eeuw ziet toekomst voor een dorp!

Oudjaar en moment van overdenking.  Een jaar van ‘economische crisis’, ligt achter ons. Een jaar ook waarin duurzaamheid, besparing, onthaasting en alternatieve arbeidsvervulling een economisch streven zijn geworden. De vergroting van dierenwelzijn volop in de belangstelling staat en het Arnhemse Openluchtmuseum zich in overgrote belangstelling heeft mogen verheugen.

Is de tijd van de verstedelijking, onbegrensde schaalvergroting, anonimiteit, groei als economische doel, individualisme en mondiaal denken misschien op zijn retour? Zou schaalverkleining toekomst kunnen hebben?

Reageer

Your email is never shared. Verpluchte velden zijn gemarkeerd *

*
*